Wij zijn de levenden 

 

Wij zijn de levenden!

En surfen langs de randen van

zeer hoge golven,

tussen wanorde en wet

en vallen ongenadig, lachend,

brullend in de branding.

Wij zijn de levenden!

Zo vol van wind op huid en haar

en het rennen door het bos

en minnen op het mos

en heffen van het glas.

Handen als kolenschoppen

vertellen breed het verhaal.  

Wij zijn de levenden!

En hebben altijd honger en

reiken altijd uit naar

god-mag-weten wat,

totdat we zonder zuurstof

op de te hoge bergtop staan,

terwijl de te donkerblauwe

lucht, de te arme lucht,

het leven per ademhaling mindert.  

Wij zijn de levenden

En zitten altijd op een grote schommel,

die veel te kort zijn rustpunt kent,

om daarna weer verder te gaan jagen

en in zijn voortgang weer de neergang voelt

en in de teruggang weer de klim

en we kijken en we lachen

en we grijpen naar elkaar.  

Wij zijn de levenden

Die in ons leven toch steeds moeier worden

omdat het in ons brand

tezelfdertijd ons brandt

en hier valt niets te blussen

want wie geblust is, is al dood

en hier valt niets te rusten

want wie rust, tja, zeer zacht.  

Wij zijn de levenden.

En misschien bouwen we ons luchtkasteel

en als het zover is gaan we

als drietrapsraket op reis

en werpen alle trappen af

en met een capsule zo klein,

dat je haar niet meer ziet

komen we veel verder

door al dat branden.  

 

KOAN 

 

Zie de kleine strenge bolletjes,

met harde klikjes botsen ze

met vaste hoekjes kaatsen ze.

In hun handjes ligt de toekomst,

alleen is mijn rekenlineaal te klein.  

De kleine strenge genen staan

keurig op een rijtje en

spellen met elkaar slechts één woord

en woord na woord slechts één zin,

hoofdstuk, boek.  

-Overleven-

ik overleef

jij overleeft etc.  

Het geeft toch geen pas,

de genen en de bolletjes.

Worden ze wel serieus genomen?  

Er is geen mens die

een atoom heeft begrepen.

En als je goed kijkt lijken ze

wel steeds leger en leger

en ingewikkelder.

Geen bolletjes,

maar waarschijnlijkheidswolkjes. 

Maar vooral heel veel leegte.

Misschien is het de leegte die zich

samenbalt en zo materie vormt.

En was het niet altijd zo geweest?

Eerst was er leegte en de waaiende geest

en toen licht

en aarde

Misschien reiken al die bolletjes en genen

elkaar de hand om zichzelf en ons

de kans te geven om…………….. HA!  

dat is de vraag van het leven!